Eten? Eerst eiwitten en vetten, dan koolhydraten

Personen met overgewicht en diabetes type-2 kunnen een glucosepiek na de maaltijd voorkomen door hun volgorde van eten te veranderen.

Aan de studie namen elf personen met obesitas en diabetes type-2 deel. Ze werden voor hun aandoening behandeld met het medicijn metformine. Om te bekijken of de volgorde van bepaalde voedingsmiddelen van invloed was op de glucose- en insulinespiegels, kregen de deelnemers op twee afzonderlijke dagen dezelfde maaltijd maar in een andere volgorde. De maaltijd bestond uit koolhydraten (ciabatta met sinaasappelsap), eiwitten, groenten en vetten (kippenborst, sla, tomaten met een vetarme dressing en gestoomde broccoli met boter). Op de dag van de eerste maaltijd werd nuchter de glucosespiegel gemeten. De deelnemers kregen vervolgens de instructie om eerst de koolhydraten te eten en vijftien minuten later de eiwitten, groenten en vetten. Na de maaltijd werden de glucose- en insulinespiegels gemeten na 30, 60 en 120 minuten. Een week later kregen de deelnemers dezelfde maaltijd en werden dezelfde testen uitgevoerd. Alleen kregen ze nu de instructie om eerst de groenten, eiwitten en vetten te consumeren en vijftien minuten later de producten met koolhydraten.

Wanneer de koolhydraatrijke levensmiddelen als laatste werden geconsumeerd, leidde dit tot een significant lagere glucosespiegel na de maaltijd. Op de tijdsintervallen van 30, 60 en 120 minuten was de glucosespiegel met respectievelijk 29%, 37% en 17% significant lager dan wanneer de koolhydraten als eerste werden geconsumeerd. Ook bleek de insulinespiegel significant lager wanneer eerst de eiwitten, vetten en groenten werden gegeten.

Volgens de wetenschappers is het aanpassen van de volgorde van de maaltijd veel minder drastisch en bovendien beter vol te houden dan het advies om zo min mogelijk koolhydraten te consumeren. 

Woordenlijst

ORTHO

vaktijdschrift

JAARABONNEMENT € 87,80

Ortho
bibliotheek

Meld u aan voor één of meer van de gratis nieuwsbrieven.Nieuwsbrief ontvangen
+