Teunisbloemolie als adjuvans in de behandeling van gastroïntestinale kanker

De gangbare behandelingen van voortgeschreden gastrointestinale kanker middels operaties, chemokuren en bestralingen zijn overwegend teleurstellend in de behaalde resultaten. Een groep van 25 patiënten met gastroïntestinale kanker in een terminaal stadium werden behandeld met 33 ml teunisbloemolie per dag. Deze hoeveelheid komt overeen met 3000 milligram gammalinoleenzuur, GLA. Als controlegroep fungeerde een groep van 25 overeenkomstige kankerpatiënten (slokdarmkanker, maagkanker, leverkanker, pancreaskanker, colorectaalkanker en galblaaskanker). Beide groepen ondergingen palliatieve behandelingen. Maligne cellen, ontstaan onder invloed van virussen, straling of carcinogene stoffen, hebben alle het vermogen tot omzettingen van essentiële vetzuren via de enzymen desaturases, D-6-D, vrijwel geheel verloren. Hierdoor kan uit cislinolzuur geen GLA en prostaglandine E1 gevormd worden. PGE1 is een krachtig werkzame intracellulaire regulator van cAMP en calcium. Verlaging van PGE1 in de cellen doet de kans op maligne ontwikkeling sterk toenemen. De patiënten die GLA kregen toegediend leefden langer dan de patiënten in de controlegroep. De gemiddelde overlevingsduur in de GLA-groep was 222 dagen; in de controlegroep was dit 82 dagen.

Woordenlijst

ORTHO

vaktijdschrift

JAARABONNEMENT € 87,80

Ortho
bibliotheek

Meld u aan voor één of meer van de gratis nieuwsbrieven.Nieuwsbrief ontvangen
+