Zink en Zidovudine (AZT) bij AIDS

Onder redactie van Dr. Gert Schuitemaker Gert Schuitemaker

Onder redactie van Dr. Gert Schuitemaker

1 min

Per 48 uur kun je als gast 5 artikelen gratis lezen; dit is gratis artikel 1 van 5.

Neem een digitaal abonnement  of Inloggen als abonnee
Een groep van 29 AIDS-patiënten, 17 in stadium III met gegeneraliseerde lymfadenopathie (ziekte van de lymfeklieren) en 12 in stadium IV, kregen naast AZT dagelijks 200 mg zinksulfaat (oraal). De controlegroep, die alleen AZT kreeg, bestond uit 28 personen, 18 met gegeneraliseerde lymfadenopathie en 10 in stadium IV. Suppletie van zinksulfaat in de eerste groep resulteerde in toename of stabilisatie van het lichaamsgewicht, toename van het aantal CD4-(helper)-cellen en het plasmagehalte van actief zinkgebonden thymuline. Gedurende twee jaar traden minder opportunistische infecties, veroorzaakt door Pneumocystis carinii en Candida, op bij patiënten in stadium IV en traden later op bij patiënten in stadium III. Zink, dat van groot belang is voor het immuunsysteem, kan aldus een zinvolle aanvulling op AZT therapie bij AIDS zijn.

Schrijf u nu in voor onze nieuwsbrief en blijft op de hoogte van het laatste orthomoleculaire nieuws.

Gerelateerde artikelen