Microbioom en bijwerkingen chemo

Onder redactie van Dr. Gert Schuitemaker Gert Schuitemaker

Onder redactie van Dr. Gert Schuitemaker

2 min

Per 48 uur kun je als gast 5 artikelen gratis lezen; dit is gratis artikel 1 van 5.

Neem een digitaal abonnement  of Inloggen als abonnee
De samenstelling van het darmmicrobioom is mogelijk van invloed op het risico van diarree als gevolg van het medicijn irinotecan. Irinotecan is een cytostaticum dat gegeven wordt bij dikkedarmkanker. De inactieve vorm van irinotecan wordt per infusie toegediend waarna het in de lever wordt geactiveerd in zijn toxische vorm. Vervolgens wordt het opnieuw omgezet in de inactieve vorm waarna het via de darm wordt uitgescheiden. Eerdere studies wezen echter uit dat sommige enzymen in de darm - bekend als beta-glucuronidasen die in staat zijn complexe koolhydraten af te breken - het medicijn kunnen heractiveren. In ontlastingmonsters van twintig gezonde proefpersonen werden de concentraties beta-glucuronidasen gemeten. Na analyse bleek dat een deel van de proefpersonen hoge concentraties van drie typen beta-glucuronidasen hadden. Deze werden gerelateerd aan de aanwezigheid van specifieke, nog niet eerder geïdentificeerde darmbacteriën, Clostridium, Bacteroides en Faecalibacterium prausnitzii). Hoge concentraties van deze beta-glucuronidasen zou bij gebruik van irinotecan ernstige diarree tot gevolg kunnen hebben. In vervolgstudies willen de wetenschappers onderzoeken of inhibitie van de werking van beta-glucuronidasen bij personen die behandeld worden met irinotecan inderdaad de kans op diarree kan verkleinen.

Schrijf u nu in voor onze nieuwsbrief en blijft op de hoogte van het laatste orthomoleculaire nieuws.

Gerelateerde artikelen